Zoeken in normen
11 resultaten voor '521.10'
521.10 Aanleg met installatiedraad
Installatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aangelegd in een buissysteem,
kabelkokersysteem of kabelgootsysteem. Deze eis geldt niet voor een beschermingsleiding
volgens hoofdstuk 54.
521.10 Aanleg met installatiedraad
Installatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aangelegd in een buissysteem, kabelkokersysteem of kabelgootsysteem. Deze eis geldt niet voor een beschermingsleiding volgens hoofdstuk 54.
NEN 1010:2015
Railkokersystemen en stroomrailsystemen 200
521.5 AC-stroomketens – Elektromagnetische effecten (voorkomen van wervelstromen) 200
521.6 Buizen, kabelkokersystemen, kabelgootsystemen, kabelbaansystemen en
kabelladdersystemen 200
521.7 Meerdere stroomketens in een kabel 200
521.8 Indeling van stroomketens 201
521.9 Het gebruik van buigzame leidingen of snoeren 201
521.10
NEN 1010:2015
712.6, 740.6,
61.F.1.2
inspectie (periodiek) 134.3, 62, 710.62
inspectie (uitvoering en omvang) 61.F.1.3
inspectie, eerste 134. 2, 61, 710.61, 711.61, 712.61,
740.61
inspectiefrequentie 61.F.1.6
inspectie-instelling 61.F.1.8
inspectierapport 61.F
installatie 134.1, 412. 2.3, 444.8, 711.559.3.4.2
installatie en inspectie 134
installatiedraad 2.15.12, 514.3.5, 521.10
NEN 1010:2015
., zoals fornuizen of verzonken montage-eenheiden v oor installatie in verhoogde vloeren, moet zijn
aangesloten met buigzame leidingen of snoeren.
521.9.4 Flexibele buissystemen mogen worden gebruikt om buigzame geïsoleerde leidingen te
beschermen.
521.10 Aanleg met installatiedraad
Installatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aa ngelegd in een buissysteem, kabelkokersysteem of
kabelgootsysteem
521 Soorten leidingsystemen
., zoals fornuizen of verzonken montage-eenheden voor installatie in
verhoogde vloeren, moet zijn aangesloten met buigzame leidingen of snoeren.521.9.4 Flexibele buissystemen mogen worden gebruikt om buigzame geïsoleerde leidingen te
beschermen.521.10 Aanleg met installatiedraadInstallatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aangelegd in een buissysteem,
kabelkokersysteem of kabelgootsysteem
521 Soorten leidingsystemen
., zoals fornuizen of verzonken montage-eenheiden voor installatie in verhoogde vloeren, moet zijn aangesloten met buigzame leidingen of snoeren.521.9.4 Flexibele buissystemen mogen worden gebruikt om buigzame geïsoleerde leidingen te beschermen.521.10 Aanleg met installatiedraadInstallatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aangelegd in een buissysteem, kabelkokersysteem of kabelgootsysteem.
52 Keuze en installatie van leidingsystemen
., zoals fornuizen of verzonken montage-eenheden voor installatie in
verhoogde vloeren, moet zijn aangesloten met buigzame leidingen of snoeren.521.9.4 Flexibele buissystemen mogen worden gebruikt om buigzame geïsoleerde leidingen te
beschermen.521.10 Aanleg met installatiedraadInstallatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aangelegd in een buissysteem,
kabelkokersysteem of kabelgootsysteem
52 Keuze en installatie van leidingsystemen
., zoals fornuizen of verzonken montage-eenheiden voor installatie in verhoogde vloeren, moet zijn aangesloten met buigzame leidingen of snoeren.521.9.4 Flexibele buissystemen mogen worden gebruikt om buigzame geïsoleerde leidingen te beschermen.521.10 Aanleg met installatiedraadInstallatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aangelegd in een buissysteem, kabelkokersysteem of kabelgootsysteem.
Deel 5 Keuze en installatie van elektrisch materieel
., zoals fornuizen of verzonken montage-eenheiden voor installatie in verhoogde vloeren, moet zijn aangesloten met buigzame leidingen of snoeren.521.9.4 Flexibele buissystemen mogen worden gebruikt om buigzame geïsoleerde leidingen te beschermen.521.10 Aanleg met installatiedraadInstallatiedraden voor vaste aanleg moeten zijn aangelegd in een buissysteem, kabelkokersysteem of kabelgootsysteem.
Zoeken in de website
0 resultaten voor '521.10'