Zoeken in
Zoeken in normen
6276 resultaten
5.4 Beveiliging tegen overspanning <hoofdstuk 44 van NEN 1010:2015>
5.4.1 AlgemeenDe oorzaken van overspanningen bij AC-installaties gelden ook voor DC-installaties, evenals de te treffen maatregelen.5.4.2 Beveiliging tegen overspanningen van atmosferische oorsprong of als gevolg van schakelhandelingen 5.4.2.1 Beveiliging tegen overspanningen van atmosferische oorsprong (bliksembeveiliging)De maatregelen tegen overspanningen van atmosferische oorsprong (blikseminslag
6.3 Besturings- en beveiligingsmaterieel, schakelaars en scheiders <hoofdstuk 53 van NEN 1010:2015>
6.3.1 AlgemeenIn DC-toepassingen kan schakel- en beveiligingsmaterieel een kortere levensduur hebben dan in AC-toepassingen. In installaties waarin veel wordt geschakeld, wordt aanbevolen het aantal schakelhandelingen te monitoren voor het tijdig vervangen van materieel.In DC-installaties kan het noodzakelijk zijn extra voorzieningen aan te brengen om selectiviteit te bereiken van de toegepaste beveiligingen
6.3.2 Het toepassen van AC-apparatuur in DC-installaties
6.3.2.1 AlgemeenEr behoort nooit vanuit te worden gegaan dat een AC-component geschikt is voor een DC-voedingsspanning. Er bestaat veel apparatuur die niet geschikt is voor zowel AC- als DC-voedingsspanningen. Maar er bestaat ook apparatuur die wél geschikt is voor beide spanningen. Zo zijn installatieautomaten die zijn gemaakt voor AC-installaties, met enige beperkingen vaak ook toepasbaar in DC-installaties.Hieronder
6.3.4 Beveiliging tegen corrosie door lekstromen
Om corrosie door lekstromen te beperken, kan het zinvol zijn de aanspreekwaarden van toestellen voor aardlekbeveiliging lager te kiezen dan de waarden die noodzakelijk zijn voor bescherming tegen elektrische schok. Ook meten van de aardlekstroom, gekoppeld aan een signalerings- of alarmeringssysteem kan bijdragen om corrosie door lekstromen te beperken.
A.2 Collectieve installatie
Een collectieve installatie bestaat uit meerdere energieverbruikende installaties die zijn verbonden met hetzelfde openbare laagspanningsdistributienet en die gemeenschappelijke voedingsbronnen en opslagsystemen delen. Zie figuur A.2.Figuur A.2
—
Voorbeeld van een collectieve installatie
A.4 Werkingsmodus
A.4.1 Directe invoedingIn de werkingsmodus ‘directe invoeding’ is de DC-installatie verbonden met andere elektrische installaties en wordt deze geheel of gedeeltelijk door die andere installaties gevoed. Zie figuur A.4.Figuur A.4
—
DC-installatie met directe invoedingA.4.2 Omgekeerde invoedingIn de werkingsmodus ‘omgekeerde invoeding’ is de DC-installatie verbonden met andere elektrische installaties
6.1 Beperking van het ontstaan van een brandgevaarlijke situatie
Het ontstaan van een brandgevaarlijke situatie moet voldoende worden beperkt.Elektrische leidingen gelegen in ruimten waar een risico op brand bestaat ten gevolge van verwerkt of opgeslagen materiaal en die zijn ingedeeld als BE2 volgens NEN 1010, moeten ten minste voldoen aan de classificatie Dca-s3,d2,a3.OPMERKING 1Voorbeelden van ruimten die volgens NEN 1010 zijn ingedeeld als BE2 zijn timmerwerkplaatsen
6.2 Beperking van het ontwikkelen van brand en rook en beperking van gevolgschade
6.2.1 AlgemeenDe ontwikkeling van brand en rook en het ontstaan van gevolgschade moeten worden beperkt.De benodigde brandklasse van de elektrische leiding, evenals de additionele klassen voor rookontwikkeling, vallende brandende deeltjes en de corrosiviteit/zuurgraad van de verbrandingsgassen, moeten worden bepaald door middel van:1) het doorlopen van een stappenplan in combinatie met stroomdiagrammen
6.2.3.2 Bepaling van het brandrisico
Volg voor de bepaling van het brandrisico de volgende twee stappen.Stap 1:Stel aan de hand van tabel 3 per parameter vast welke factoren van toepassing zijn.Tabel 3
—
Factoren die van invloed zijn op het brandrisicoParameterOnderverdeling (factoren)Toelichtinga Indien meerdere factoren (zoals vermeld in de tweede kolom) van toepassing zijn, behoort voor de bepaling van de classificatie van de elektrische
Inleiding
NEN 4010 is gebaseerd op
NEN 1010:2020, de Nederlandse
implementatie van de HD-IEC 60364-reeks over
elektrische installaties voor laagspanning.NEN 4010 bevat eisen voor de algemene
Nederlandse installatiepraktijk.Het is een op zichzelf staande norm en de indeling van
NEN 1010 is dan ook losgelaten. De norm
kent geen delen en rubrieken, maar een opbouw van hoofdstukken en paragrafen.Zoals in elke
Zoeken in de website
132 resultaten
Is NEN 4010 ook van toepassing op installaties thuis met medische apparatuur (bijv. dialyse thuis)?
Nieuw in de editie NEN 4010:2020 zijn de kleine medische ruimten, zoals een praktijkruimte van een huisarts, tandarts of dierenarts, en ruimten voor thuisdialyse.
Is NEN 4010 ook in NEN-Connect opgenomen?
NEN 4010 is vanaf beschikbaar in NEN Connect. Uiteraard moet het wel in uw pakket opgenomen worden. Neem daarvoor contact op met klantenservice klantenservice@nen.nl.
NEN 4010 is ook opgenomen in dit product 'Werken met NEN 1010'.
Nederlandse versie NEN-EN-IEC 60204-1:2018 beschikbaar
Auteur: Henrie Verwey Datum: September 2019
EN 60204 is een reeks van normen die allemaal gerelateerd zijn aan de elektrische uitrusting van machines. Voor de meeste machines is deel 1 van EN 60204 van toepassing. Deel 11 is voor machines die gebruikmaken van hoogspanning (> 1000 V AC of > 1500 V DC). De delen 3X zijn alleen van toepassing op specifieke (groep van) machines. Zo is bijvoorbeeld
Omschakelen naar DC-distributie?
Training NPR 9090 over DC-installaties
Auteur: Henry Lootens
Datum: november 2019
De toename van lokaal, duurzaam opgewekte energie belast het elektriciteitsnetwerk met steeds meer pieken. In gebouwen kan dat slim worden ondervangen door energieopslag en de juiste energiesturingen. Alle nieuwe toevoegingen aan de installatie moeten dan werken op gelijkspanning of dit produceren.
De veelal
Verslimming vraagt om standaarden
Internationale norm op het gebied van ‘digital twin’-technologie op komst
Gepubliceerd Mag 1010 / 01-2020
Auteur: dr. Henk-Jan Hoekjen
Het kan niemand ontgaan: slimme technologie dringt steeds meer door in alle facetten van het dagelijks leven. Ook aan de industrie gaat de huidige soms disruptieve verslimming natuurlijk niet voorbij. Zo is de zogenoemde ‘digital twin’-technologie momenteel
NEN-IEC 62125 met meer aandacht voor het milieu
Gepubliceerd in Mag 1010 / 02-2020
Auteur: dr. Gerrit Tenkink
Eind november kwamen de leden van de normcommissie NEC 20A bij elkaar en is besloten om norm IEC 62125 als Nederlandse norm NEN-IEC 62125 ‘Milieuoverwegingen specifiek voor geïsoleerde elektriciteits- en controlekabels’ te aanvaarden. De Europese aanvaarding door CENELEC laat nog even op zich wachten, maar de nationale NEC 20A -vergadering
Aanduiding kabels
In onderstaande foto is de aanduiding van de groen-gele kabel niet juist.
514.3.5 Aanduiding van eenaderige kabels en installatiedraden
Faseleidingen moeten over de gehele lengte worden aangeduid met de kleur bruin of zwart of grijs. Het gebruik van een van deze kleuren voor alle faseleidingen in een stroomketen is toegelaten.
De enkelvoudige kleuren groen of geel mogen niet worden
Kabelondersteuningen en omhulsels
Goed of fout?
NEN 1010 bepaling 522.8.11 zegt: Kabelondersteuningen en omhulsels mogen geen scherpe randen hebben die de kabels of geïsoleerde geleiders kunnen beschadigen.