Zoeken in
Zoeken in normen
6276 resultaten
52.B.3 Warmteweerstand van de grond
Bij de in de tabel genoemde toelaatbare stromen voor in de grond gelegde kabels is rekening gehouden met een warmteweerstandscoëfficiënt van de grond van 2,5 K·m/W. Deze coëfficiënt wordt geacht geschikt te zijn voor wereldwijd gebruik wanneer de grondsoort en de geografische plaats niet nader zijn gespecificeerd (zie bijlage A van NEN 10287-3-1:1996).Op plaatsen waar de werkelijke waarde van de warmteweerstandscoëfficiënt
52.B.5.2 Verzamelingen van leidingen op kabelbanen
Indien een verzameling leidingen verschillende doorsneden heeft, moet aandacht worden besteed aan de stroombelasting van de leidingen met kleinere kerndoorsnede. Bij voorkeur wordt een specifieke rekenmethode voor verzamelingen leidingen met een verschillende kerndoorsnede toegepast.De correctiefactor berekend volgens 52.B.5.1 geeft een waarde die aan de veilige kant ligt. Dit onderwerp is in bewerking
52.D
nBijlage 52.D(informatief)Formule voor het berekenen van de toelaatbare stroom 3De toelaatbare stromen vermeld in tabellen 52.B.2 tot en met 52.B.13 liggen op vloeiende krommen wanneer zij worden uitgezet in afhankelijkheid van de kerndoorsnede.De krommen worden weergegeven door de volgende formule:(52.D.1)waarin:Iis de toelaatbare stroom, in A;Sis de nominale kerndoorsnede, in mm2;a en bzijn coëfficiënten
53.A
Bijlage 53.A(informatief)Installatie van overspanningsafleiders in TN-stelsels (Aansluiting type A)Figuur 53.A.1
—
Overspanningsafleiders in TN-stelselsLegenda3hoofdaardrail of klemOCPD1beveiligingstoestel tegen overstroom aan het voedingspunt van de installatie4overspanningsafleiders die een beveiligingsniveau verschaffen volgens overspanningscategorie IIOCPD2beveiligingstoestel tegen overstroom zoals
53.A
Bijlage 53.A(informatief)Installatie van overspanningsafleiders in TN-stelsels (Aansluiting type A)Figuur 53.A.1
—
Overspanningsafleiders in TN-stelselsLegenda3hoofdaardrail of klemOCPD1beveiligingstoestel tegen overstroom aan het voedingspunt van de installatie4overspanningsafleiders die een beveiligingsniveau verschaffen volgens overspanningscategorie IIOCPD2beveiligingstoestel tegen overstroom zoals
53.G
nBijlage 53.G(informatief)Methode voor het berekenen van de theoretische eindtemperatuur van een leiding met een kern van koper bij kortsluitingDe theoretische eindtemperatuur (θf) van een leiding kan worden berekend met behulp van de volgende formules:
(53.G.1)
(53.G.2)
(53.G.3)waarin:Ikis de kortsluitstroom, in A;Sis de kerndoorsnede, in mm2;tis de duur van de kortsluiting, in s;θfis de theoretische
54.A
Bijlage 54.A(normatief)Methode voor het bepalen van de factor k in 543.1.2(zie ook NPR-IEC 60724 en NEN-IEC 60949)De factor k wordt berekend met behulp van de volgende formule:(54.A.1)waarin:Qcis de soortelijke warmtecapaciteit van het kernmateriaal bij 20 °C, in J/°C mm3;βis de reciproke waarde van de temperatuurscoëfficient van de soortelijke weerstand van de kern bij 0 °C, in °C;ρ20is de soortelijke
54.C.1 Algemeen
Beton dat wordt gebruikt voor de fundering van gebouwen heeft een zekere geleidbaarheid en heeft in het algemeen een groot contactoppervlak met de grond. Daarom kunnen blanke metalen elektroden die in beton zijn aangebracht worden gebruikt voor aardingsdoeleinden, behalve daar waar het beton niet in aanraking is met de grond door speciale thermische isolatie of andere maatregelen. Door chemische en
54.C.4 Mogelijke corrosieproblemen voor andere geaarde installaties buiten de in beton aangebrachte fundatieaardelektroden
De aandacht wordt er op gevestigd dat gewoon staal (onbeschermd of thermisch verzinkt) dat in beton is aangebracht, resulteert in een elektrochemische potentiaal die gelijk is aan die van koper dat in de grond is aangebracht. Als gevolg hiervan bestaat het gevaar van elektrochemische corrosie naar andere stalen aardingsvoorzieningen die in de grond nabij de fundatie zijn aangebracht en die in verbinding
54.D.3 Aardelektroden ingegraven in de grond
54.D.3.1 Onderdelen van de aardelektrodeAardelektroden kunnen bestaan uit ingegraven onderdelen van:— thermisch verzinkt staal;— staal voorzien van een koperen mantel;— staal met een elektrolytisch aangebrachte koperlaag;— roestvast staal;— onbedekt koper.Verbindingen tussen verschillende soorten metaal mogen niet in contact komen met de grond. Andere materialen behoren in het algemeen
Zoeken in de website
132 resultaten
Beschermende vereffening
Beschermende vereffening werd eerder basispotentiaalvereffening genoemd. Het heet nu beschermende vereffening om aan te duiden dat het om potentiaal vereffening gaat in verband met de veiligheid. Dit artikel gaat in op de werking van beschermende vereffening (niet te verwarren met de aanvullende beschermende potentiaalvereffening, zoals die in een ruimte met een bad of douche moet worden toegepast)
Herziening Machinerichtlijn in de maak
Momenteel wordt hard gewerkt aan een herziening van de Machinerichtlijn. Deze richtlijn zal vervangen worden door de nieuwe Machineverordening. Hoewel de Machinerichtlijn voor het grootste deel nog behouden zal blijven, is deze op onderdelen toe aan vernieuwing. De huidige stamt immers uit 2006 en is op bepaalde onderdelen ingehaald door de stand der techniek.
Wanneer precies deze Machineverordening
Waarom een type B aardlekbeveiliging toepassen?
Auteur: Rob Kaspers
In dit artikel gaat Rob Kaspers uit op de verschillende types aardlekschakelaars. En waarom je een type B aardlekbeveiliging moet toepassen.
De toepassing van de type B RCD (aardlekbeveiliging), raakt steeds meer ingeburgerd. Toch zijn er genoeg voorbeelden van projecten waar type A RCD’s zijn toegepast, terwijl dit een type B moet zijn. Dat heeft nadelige gevolgen voor de
Op welke installaties is NEN 1010 van toepassing?
NEN 1010 is van toepassing op vast aangelegde elektrische installaties met lage spanning (tot 1000 V wisselspanning of 1500 V gelijkspanning). Bijvoorbeeld in woonhuizen, winkels, kantoorgebouwen, hotels, scholen, theaters en boerderijen.
NEN 1010 is niet van toepassing op bijzondere installaties, zoals de elektrische uitrusting van machines, installaties op schepen en elektrische tractiesystemen
Bestaat er een NEN 1010-certificaat?
Nee, maar het is vaak wel mogelijk om na oplevering of inspectie van een installatie een verklaring te laten opstellen door een installateur of inspecteur waarin deze bevestigt dat de installatie voldoet aan NEN 1010. Een dergelijke verklaring kan worden beschouwd als ‘NEN 1010-certificaat’.
Wat is NEN 4010?
NEN 4010 is een norm met eisen voor het ontwerpen en het installeren van elektrische installaties voor laagspanning. Deze norm is gebaseerd op de Nederlandse omstandigheden en de algemene Nederlandse installatiepraktijk.
Als ik aan NEN 4010 voldoe, voldoe ik dan ook aan NEN 1010?
Met NEN 4010 voldoet u als installateur ook aan de elektrotechnische veiligheidseisen in de bouwwet- en regelgeving. Dat geldt alleen binnen het toepassingsgebied van NEN 4010. Voor onderwerpen die buiten het toepassingsgebied van NEN 4010 vallen, moet NEN 1010 worden gebruikt.
Hoe leg ik vast dat ik volgens NEN 4010 werk?
U kunt in de afspraken die u met uw opdrachtgever maakt, vastleggen dat u volgens NEN 4010 werkt.
Welke stroomstelsels behandelt NEN 4010?
NEN 4010 behandelt de volgende stroomstelsels en wijzen van aarding:
— TN-stelsels met één voedingsbron;
— TN-stelsels met meerdere voedingsbronnen;
— TT-stelsel.
Welke elektrische installaties en onderwerpen vallen buiten het toepassingsgebied van NEN 4010?
De volgende elektrische installaties en onderwerpen vallen buiten het toepassingsgebied van deze norm:
Gelijkstroominstallaties (DC);
IT-, IU- en IM-stroomstelsels;
TN-C-stroomstelsels;
Beveiliging tegen overspanning veroorzaakt door aardfouten;
Laagspanningsopwekeenheden.
Daarnaast is NEN 4010 niet van toepassing op elektrische installaties van:
Jachthavens en vergelijkbare terreinen